Dag 57 – Stilstaan bij stoppen

stoppenDit is een vervolg op de post van Dag 55 en Dag 56. Vandaag sta ik stil bij de punten die ik in de vorige twee verhalen heb beschreven. Ik ga dieper in op de context en pas dan zelfvergeving en zelf-correcties toe.

Door al die afwegingen was ik al lang en breed voorbij de rokende prullenbak.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf te laten leiden door mijn gedachten waarmee ik mijzelf afhankelijk maak van de traagheid van mijn gedachten in situaties waarin ik in vol vertrouwen van mijzelf in zelf-beweging in één adem kan handelen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het toelaten van gedachten en mij daarin verlies, hoe kort dat ook moge lijken en daarmee ‘kostbare’tijd verloren laat gaan, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat ik hiermee niets anders bereik dan een werkelijkheid in mijn gedachten te creëren die niet aansluit met de werkelijkheid. Ik stop met dit patroon van gedachten en ga met mijzelf de verbintenis aan om in vergelijkbare situaties te staan als mijzelf en in één adem te bepalen welke actie ik in dat moment neem; in één adem overweeg ik acties en consequenties in zelf-eerlijkheid en in het belang van alles wat ik in dat moment kan overzien.

Omdat ik niet zozeer gedrag zag dat kon aangeven dat zij de aanstichters waren van de prullenbakbrand begon ik twijfels te krijgen of zij inderdaad wel de mogelijke daders konden zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in deze situatie te gaan speculeren over wie de daders zouden kunnen zijn waarbij ik afgeleid werd door twijfels omdat ik geen feiten had om de aannames die ik maakte te staven in plaats van onbevooroordeeld de situatie in mij op te nemen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het maken van aannames op basis van herinneringen in plaats van het nemen van acties op basis van waarnemingen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat ik hiermee niet handel op de manier die het meest effectief heeft en dat ik daarmee niet het beste haal uit het moment. Ik stop met dit patroon van aannames en ga met mijzelf de verbintenis aan om in vergelijkbare situaties te handelen op basis van de feiten.

Terwijl ik doorfietste bedacht mijn geest nog een mogelijkheid om het viertal vast te leggen, nog iets doorfietsen en de jongens opwachten om een foto te maken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om scenario’s uit te werken van hoe ik de op basis van mijn aannames gedoodverfde verdachte jongens kon ‘framen’ waarmee ik mijzelf heb toegestaan om mij terug te trekken in mijn fantasieën waarvan ik  bij voorbaat weet dat het niet aansluit met wat er werkelijk gebeurt.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het fantaseren over mogelijke scenario’s waarbij ik in de hoofdrol de held ben die helpt om de ‘slechterikken’ uit mijn fantasiewereld te pakken zodat ze kunnen boeten voor hun daden, dat stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat ik hiermee niet handel op de manier die in het belang is van mijzelf noch de maatschappij waar ik deel van uitmaak. Ik stop met dit patroon van fantaseren en ga met mijzelf de verbintenis aan om in het vervolg dit soort fantasieën niet meer toe te staan.

Het was mij opgevallen dat de drie jongens die ik daarvoor was gepasseerd geen aanstalten hadden gedaan om even te stoppen. Terwijl ik verder fietste ging ik van alles speculeren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om voor anderen te gaan bepalen op basis van speculaties/aannames wat zij zouden moeten gaan doen in een bepaalde situatie.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het doen van aannames van hoe anderen in een bepaalde situatie zouden moeten reageren/handelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat ik hiermee niet het principe hanteer waarbij ikzelf het startpunt van elke actie ben die ik in een gegeven moment bepaal te doen maar denk te kunnen bepalen hoe anderen zouden moeten gaan handelen in die specifieke situatie. Ik stop met dit patroon van aannames en ga met mijzelf de verbintenis aan om in het vervolg dit soort gedachten/aannames/speculaties niet meer toe te staan.

Omdat het meisje iets zei tegen haar vriendinnen als verklaring voor haar van in de trend van “mijn voet kwam in het voorwiel vast te zitten” begon mijn geest met een reeks gedachten, eigenlijk speculaties…

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om op basis van een stukje verhaal en bij gebrek aan een totaalplaatje te gaan fantaseren over wat de oorzaken van het specifieke voorval zouden kunnen zijn om daarna, op basis van mijn eigen aannames mij te kunnen druk maken om die redenen/oorzaken en daar energie uit te halen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van fantaseren/bedenken op basis van een kleine aanleiding alleen maar om zelf een aanleiding te hebben om zo gedachten te ontwikkelen die weer de basis vormen voor emoties/reacties waaruit ik energie kan halen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij en zie dat ik hiermee niets anders bereik dan rondzingen in een fictieve wereld van gedachten die niet meer te maken heeft met de werkelijkheid en dat ik de emoties die daar uit voortkomen wel in de werkelijkheid, in het fysieke beleef (versnelde hartslag) waarmee ik een situatie beleef die alleen maar is ontstaan uit mijn eigen gedachten. Ik stop met dit patroon van fantaseren en ontwikkelen van gedachten om daar energie mee op te wekken waarmee mijn geest weer aan de haal gaat en ga met mijzelf de verbintenis aan om in vergelijkbare situaties te handelen naar mijn beste inzicht in dat moment, zonder emoties en gevoelens die ontstaan zijn uit mijn fantasie.

Bij het schrijven van de zelfvergevingen en de zelf-correcties zie ik een algeheel patroon van in de ‘mind (Engels)’ of in gedachten te zijn terwijl ik fiets. Blijkbaar is de activiteit fietsen, wat een voor mijn lijf een geautomatiseerde handeling is, een prima situatie voor mijn geest/gedachten/’mind’ om lekker aan de slag te gaan. Naast het feit dat dit fantaseren geen bijdrage levert aan mijn dagelijks leven maar voor afleiding zorgt waardoor ik mij afsluit voor dat wat er werkelijk gaande is in dat moment, en dan heb ik het over alle prikkels die mijn lijf binnenkomen als geluiden van vogels, de wind, het landschap, zijn er ook consequenties van dat fantaseren die ik met mij meeneem in tijd om later nog eens lekker op door te gaan, wat weer zorgt voor afleiding waardoor ik mij niet volledig kan focussen op wat er in het moment gebeurt. Het is ook best wel eng, als ik in mijn eigen gedachten zou moeten geloven, om in elk moment dat ik leef/adem volledig ‘hier’ te zijn, bewust van alle prikkels die mijn lichaam opvangt. Kan ik dat wel aan? Kan ik wel staan als mijzelf zonder te moeten schuilen in mijn gedachten? “Ik denk van wel”, zou het voor de hand liggende antwoord zijn, maar daar gaan we weer… met gedachten. Het is een hele oefening om los te komen van de patronen die ik hierboven het uitgeschreven. Het doel/resultaat is echter dat ik, stapje voor stapje, bewuster wordt van hoe ik als mijzelf, in alle dimensies, functioneer. Hierdoor kan ik ook steeds bewuster handelen en daarmee bewuster in het leven staan, effectiever handelen in elke gegeven situatie en daarmee bijdragen aan een betere wereld voor mijzelf en daarmee voor iedereen.

Een betere wereld begint bij jezelf!

 

Dag 55 – Stoppen of doorrijden?

Oude MaasTerwijl ik met een lekker gangetje over het fietspad langs de Oude Maas reed met in mijn oren een interview over ouderschap zag ik ineens dat een prullenbak naast een bankje stond te roken. Er gingen allerlei gedachten door mijn hoofd, zal ik stoppen om te kijken of het geblust kan worden, fiets ik door om een groepje van vier jongens dat even verderop fietste op het verder op dat moment lege fietspad goed in mij op te nemen als mocht blijken dat zij er iets mee te maken hebben gehad, doe ik alsof er niets aan de hand is? Als ik stop kom ik laat op mijn werk en dat is in strijd met mijn plichtsgevoel.

Door al die afwegingen was ik al lang en breed voorbij de rokende prullenbak. Ik besloot gewoon door te rijden en al snel liep ik in op het viertal jongens. Ik bleef een klein stukje achter hen aan fietsen waar ik normaal al lang had gebeld om er voorbij te kunnen. Zodra ik de vier goed in mij had opgenomen haalde ik ze in en lette nog even op lichaamstaal. Ik kon niets bijzonders waarnemen anders dan vier tiener jongens op de fiets die al pratende met elkaar naar school fietsten.

Omdat ik niet zozeer gedrag zag dat kon aangeven dat zij de aanstichters waren van de prullenbakbrand begon ik twijfels te krijgen of zij inderdaad wel de mogelijke daders konden zijn. Terwijl ik doorfietste bedacht mijn geest nog een mogelijkheid om het viertal vast te leggen, nog iets doorfietsen en de jongens opwachten om een foto te maken. En dan? Aangifte doen op een aanname? Daar gaat de Politie echt niets mee doen. Geen bewijs.

Het is verbazend om te zien hoeveel dilemma’s zo’n ervaring teweeg kan brengen. Op allerlei dimensies gaat mijn geest scenario’s bedenken waarvan er geen of slechts één of een hooguit een paar min of meer zo gaan lopen. Hoe kan ik in het vervolg effectief met een vergelijkbare situatie omgaan zonder achteraf mij te moeten afvragen of ik wel de juiste beslissingen heb genomen in het belang van iedereen.

In mijn volgende post ga ik verder in op de punten waarbij ik mijn verantwoordelijkheden zal uitschrijven en daarop zelfvergeving zal toepassen en tenslotte zelf-correctie om de patronen waarmee ik hier te maken heb stop te zetten.

33 – Terug naar de bron – Snakken naar rust

eigenwoning1Met de laatste ontwikkelingen rond het kopen van een huis stelde ik weer eens vast wat voor een impact het bezig zijn met iets dergelijks als een stabiele woonplek op mijn leven/lijf heeft. Vorige week zijn we gaan kijken naar een huis met een prijskaartje dat ons in staat zou stellen om het zonder tussenkomst van banken te financieren. Omdat het huis ons aanstond besloten we te kijken of we die financiering bij de ‘familiebank’ rond zouden krijgen.

Toen we in eerste instantie een ‘ja’ kregen met daarop een ‘nee’ toen de hoogte van het totale bedrag duidelijk werd incasseerde ik deze tegenslag met een diepe zucht. Daarna besefte ik mij dat ik, ondanks de voornemens het niet meer te doen, toch druk bezig was geweest met het plannen van een groot aantal zaken die het gevolg waren van het kopen en op orde krijgen van een woning. Alles wat ik tot dat moment had bedacht kon in de prullenbak, verloren inspanningen dus. Toen ik als gevolg daarvan met mijn partner nog eens onze huidige situatie doornam en besefte hoezeer wij klem zaten in een ongunstige situatie was het alsof ik terugviel in de toestand waarin ik juist dacht uit gekomen te zijn.

De impact op mijn lijf was groter dan ik had verwacht en de gevolgen ervan kon ik duidelijk merken. En dat terwijl het  doom-scenario maar van korte duur was. Na wat rekenen kregen we van de ‘familiebank’ te horen dat het toch mogelijk was om het gewenste bedrag te financieren. Een hele opluchting maar het achtbaan-effect was er toch geweest, van ja naar nee en dan weer naar ja geschud. Met name dat schudden heeft veel impact omdat het zaken betreft die de grondvesten van je bestaan zijn. Een vaste plek om te wonen ten opzichte van een huurwoning voor bepaalde tijd of aantrekkelijke maandlasten met de mogelijkheid om wat opzij te leggen versus een hoge huur en geen reserves zijn grote contrasten die een sterke invloed hebben op je dagelijkse leven.

De gretigheid waarmee ik een situatie van wonen in een eigen huis met acceptabele maandlasten wil aangaan is zo groot dat ik geneigd ben om al mijn energie daar in te gaan steken alsof ik op die manier het moment waarop het echt gaat gebeuren naar voren wil halen. Er gaat niets boven een gedegen voorbereiding natuurlijk, maar het is ook zaak om dat in evenwicht te doen met alle andere zaken die bij het dagelijkse leven horen. De afspraak met mijzelf wordt dus dat ik de dagelijkse zaken doorloop en een verantwoorde hoeveelheid tijd steek in de voorbereidingen voor ons toekomstige huis.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn fysieke bestaan dusdanig door de ontwikkelingen rond wonen te laten beïnvloeden dat ik daardoor een paar dagen ziek ben geweest.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te storten in het proces van voorbereiding op de aanstaande aankoop van de woning zonder dit in balans te brengen met de andere taken en zaken die bij mijn dagelijkse leven horen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bij het horen van een negatief antwoord mijzelf terug te voelen vallen naar een situatie van minderwaardigheid waar ik van dacht dat ik daar uit was gekomen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn bestaansrecht te baseren op factoren als het kunnen kopen van een huis.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij emotioneel te laten beïnvloeden door factoren die ik op dat moment als cruciaal en van levensbelang beschouw.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn ervaringen en herinneringen met betrekking tot (gebrek aan) geld zwaar te laten wegen op momenten dat er zaken spelen die sterke invloed hebben op mijn toekomstige financiële situatie waardoor deze een buitenproportionele reactie teweegbrengt die weer invloed heeft op mijn fysieke bestaan.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om situaties die invloed kunnen hebben op mijn huidige en toekomstige financiële situatie aan de ene kant rationeel op te pakken terwijl ik onder water toch veel meer emoties heb die ik systematisch onderdruk omdat ik ze niet van toepassing vind.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om emoties van angst voor toekomstige financiële situaties te onderdrukken in plaats van deze te herkennen, een plek te geven en op te ruimen.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om emotionele reacties niet meer te onderdrukken maar deze een plaats te geven zodat ik ze (h)erken, benoem en voor altijd kan opruimen.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om bij zaken waarin ik enthousiasme en gedrevenheid voel de energie en tijd die ik eraan besteed in de context van al mijn taken en verplichtingen trek om zo in het belang van alle zaken te bepalen hoeveel tijd en aandacht hieraan besteed kan worden.

23 van 2555 – Terug naar de bron – Studie keuze

kiezen3Deze blog is een voortzetting van de vorige blog 22 van 2555.

Daar zat ik dan, in het propedeuse jaar van de Hogere Tuinbouwschool in Utrecht. Ik voelde mij nog onwennig, ik was sinds een paar maanden in Nederland (vanuit Italië) en moest erg wennen aan de manieren van doen in de Nederlandse maatschappij. Een van de dingen die ik mij herinner is dat mij werd gevraagd naar mijn mening over allerlei zaken waar ik zelf niet persé een mening over wilde hebben. Daarnaast viel het mij op dat er rages waren waar veel mensen aan mededen.

Van mijn eerste jaar op de HTuS heb ik slechts wat fragmenten die ik mij kan herinneren. Ik heb geruime tijd mijn eerste twee jaar als niet leuk in mijn herinneringen opgeslagen. Als ik het enigszins weet terug te halen zie ik allerlei factoren die een rol spelen in mijn beleving van die jaren. Ik zat op een opleiding waarvan ik niet het gevoel had dat het echt iets voor mij was. Ik woonde in een land waar ik mij niet thuis voelde. Dat laatste lag natuurlijk bij mijzelf, en ook hier een gevolg van het niet staan achter de ‘keuze’ die ik had gemaakt.

Misschien is dat het wel. Tijdens mijn middelbare schooljaren heb ik geen duidelijke richting kunnen kiezen. Ik was naarstig op zoek naar referentiekaders. Maar mijn pogingen mijzelf te projecteren in de toekomst lukten niet erg. Ik was daar erg blanco in met als gevolg dat de keuze voor mij is gemaakt. Althans, zo voelde dat. En dat gevoel droeg niet erg bij aan het mij op mijn plek voelen.

Interessant eigenlijk als ik zo beschrijf dat ik geen voorstelling had van wat ik wilde gaan worden en dat de consequentie daarvan was dat ik de richting die ik opging niet kon zien als mijn eigen richting. Ik voelde mij misschien wel slachtoffer van de gang van zaken maar was niet bij machte om daar wat aan te veranderen. Toch ben ik in de daaropvolgende jaren, stapje voor stapje, mijn eigen richting gaan vinden. Na twee jaar op de HTuS, waarvan ik mij nu afvraag waarom ik er niet na het eerste jaar mee ben gestopt, heb ik werk gezocht via een uitzendbureau. In de avonduren probeerde ik deelcertificaten VWO te halen. De combinatie werk + studeren ging uiteindelijk niet zo goed. Ik ben tijdelijk getopt met werken om zo meer energie te hebben voor mijn studie. Al kan ik mij dat niet herinneren, zal mijn darmontsteking en de daarbij behorende vermoeidheid een rol gespeeld hebben. Uiteindelijk heb ik een tweejarige HBO in één jaar afgerond om zo toch een HBO diploma op zak te hebben. In dat jaar waren mijn klachten verergerd en ben ik na een aantal onderzoeken stevig aan de medicijnen gezet.

Hieronder de zelfvergeving voor post 22 en 23

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te onttrekken van mijn verantwoordelijkheden m.b.t. het maken van keuzes met als gevolg dat ik niet achter de keuzes kon staan die voor mij gemaakt zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij terug te trekken in mijn gedachten om zo het dagelijkse leven maar gedeeltelijk mee te krijgen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om jaren lag in een soort trauma-stand geleefd te hebben waardoor ik niet veel heb meegekregen van wat er daadwerkelijk van mij werd verlangd om volwaardig mee te draaien in de maatschappij.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om aan mijzelf getwijfeld te hebben toen ik gevraagd werd om mee te gaan naar de kamer van het meisje waar ik notabene al tijden een oogje op had. Tevens vergeef ik mijzelf dat ik door mijn gedrag de andere persoon in verwarring heb gebracht.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf lange tijd verweten te hebben dat ik een prachtige kans heb laten lopen om dat wat ik al zo lang wilde écht te maken zonder te zien dat ik diegene was die niet in staat was om de omslag te maken van fantasie naar werkelijkheid.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om dit voorval te hebben gezien als het ultieme voorbeeld dat ik niet in staat was om dat te realiseren wat ik graag wilde en dat lang daarna als leidraad heb vastgehouden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij minder dan anderen gevoeld te hebben als het ging om het versieren van meisjes waarbij ik uiteindelijk nooit durfde mijn fantasieën te realiseren omdat ik bang was dat het anders zou uitpakken dan ik had gehoopt. Hierbij zie ik faalangst omdat ik mijzelf in de vergelijking met anderen niet gelijkwaardig achtte.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om lang te blijven hangen in mijn eerste opleiding in plaats van de situatie te evalueren en op basis daarvan een andere keuze gemaakt te hebben die meer in lijn lag met mijn interesses.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te hebben neergelegd bij het feit dat de HTS geen haalbare kaart was terwijl mijn interesses wel degelijk in de techniek lagen en niet zozeer in de tuinbouw (HTuS).

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om geen zelfverantwoordelijkheid te hebben genomen op de momenten die bepalend waren voor mijn verdere leer carrière.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet vanaf het begin onderkend te hebben dat er iets niet goed ging met mijn gezondheid door als in een droom verder te leven zonder de werkelijke feiten van mijn dagelijkse leven onder ogen te willen zien.

21 van 255 – Terug naar de bron – 1. Graven in mijn verleden

Cascata-del-molinoEerste blog uit de serie “Terug naar de bron”.

Tijdens het volgen van een chat besefte ik mij ineens dat ik een meester ben in het onderdrukken van emoties. Zelfs, of juist als het allemaal best wel heftig wordt dan kan het zijn dat ik in het moment dat de druk eraf gaat of een moment van bezinning de tranen bijvoorbeeld voel opkomen. Maar voor ik er erg in heb is dat gevoel al weer weg. Ik ben erg snel en effectief om dit soort gevoelens, en dan met name de negatieve, weg te drukken. Zelfs als ik in mijn moment van bezinning ergens heel diep de behoefte voel om eens flink te gaan janken.

Zeker de afgelopen tijd zijn er genoeg situaties geweest waar ik mij best behoorlijk rot heb gevoeld. Maar ik heb tegelijkertijd mijn emoties weten weg te redeneren door mijzelf te zeggen dat mijn persoonlijk leed nietig is in vergelijk met het leed van anderen en van de wereld in zijn geheel.

Mijn motto is dus erg Calvinistisch, ‘Niet zeuren, tanden op elkaar en doorgaan’. De bron daarvan ligt ongetwijfeld in mijn opvoeding en waarschijnlijk ook in de genen. Maar nu wordt het leuk. Tegelijk met het mij beseffen dat ik al misschien mijn hele (volwassen) leven mijn emoties onderdruk komt nu ook het besef dat het onderdrukken wel eens gevolgen zou kunnen hebben voor mijn gezondheid. Dat laatste met name omdat ik de al sinds enige tijd een opleving heb van mijn chronische darmontsteking die niet in hevigheid afneemt zoals eerder in de afgelopen periode, maar toeneemt.

Dit brengt ook een stukje angst aan het licht. Angst die ik ook vakkundig weet weg te drukken. Als je een chronische ziekte hebt, en ik houdt mij voor het gemak maar aan de diagnose die ruim 25 jaar geleden is gesteld na onderzoek van mijn dikke darm, dan heb je natuurlijk angsten.

Maar, misschien is het nu tijd om de oorzaak uit te gaan zoeken en aan te pakken. Daarom begin ik met het een en ander op een rijtje te zetten en ik begin met een terugblik naar mijn jeugd.

Als ik er zo op terugkijk heb ik een redelijk onbezorgde jeugd gehad. Mijn vader had een drukke baan, daardoor was hij regelmatig van huis, maar het mankeerde ons aan niets. We leefden in keurige huizen, hadden keurige kleren, gingen regelmatig op wintersport, hadden een zeilboot (die in de loop der jaren steeds door een groter model werd vervangen). Maar er is ook iets raars met mijn jeugd, en met name de herinneringen die ik heb, of beter, niet meer heb. Het komt regelmatig voor dat ik mij weinig of niets kan herinneren van bepaalde stukken uit mijn jeugd, alsof ik die periodes heb weggedrukt.

Een van die periodes gaat over de laatste jaren op de middelbare school. Opmerkelijk over deze periode is het feit dat het met mijn prestaties bergafwaarts ging. Waar ik in het begin van de middelbare school mooie cijfers haalde, ging het later steeds minder gemakkelijk. Ik kan mij wel herinneren dat ik de eerste schooljaren na de lagere school vrij gemakkelijk vond. Dat zorgde ervoor dat ik mij een vrij nonchalante houding aanmat en voor bepaalde vakken het huiswerk in de les deed, tijdens het doornemen van het huiswerk. Lekker spannend voor als je de beurt kreeg.

Als ik zo naar die jaren kijk dan zou ik kunnen concluderen dat ik mijzelf steeds meer in een fantasiewereld terugtrok, steeds meer in mijn eigen wereld. De vraag is waarom ik dat deed. Ik heb een periode gehad waarin ik werd gepest en ik had ook niet altijd het gevoel makkelijk aansluiting te vinden met klasgenoten.

Ik zie hier een hele sterke lijn die ik de laatste tijd steeds duidelijker zie opkomen. Ik zag mijzelf als minder dan de mensen om mij heen. Het was/is iets ongrijpbaars, iets wat van erg diep van binnenuit komt. Misschien wel genetisch. Mijn vader heeft vaak op zijn tenen moeten lopen om zijn werk te kunnen doen en mijn opa zag zichzelf als een bescheiden man ondanks het feit dat hij vele mensen om zich heen hadden die hem erg waardeerden als persoon. Van mijn opa weet ik het niet, maar van mijn vader weet ik zeker dat hij zich, bewust of onbewust, verzet heeft tegen dat gevoel van minder zijn. Dat heeft geresulteerd in een mooie carrière. Dat laatste is natuurlijk ten koste gegaan van andere zaken zoals zijn aansluiting met het gezin die werd verstoord door afwezigheid zowel als hij op reis was als afwezigheid als hij thuis was maar zich volledig focuste op zichzelf ontspannen en weer opladen om er weer tegenaan te kunnen. Het gezin draaide in dat proces mee wat zich met name in het weekeinde afspeelde. Eigenlijk onderbrak mijn vader een vrij harmonieus evenwicht tussen mijn moeder en haar twee zoons als hij ’s avonds moe en prikkelbaar thuiskwam en in het weekeinde enigszins geforceerd moest ontspannen door dwangmatig te gaan wandelen, zeilen, skiën, sauna, enz.

In de komende blogs zal ik dieper ingaan op onder andere dit gevoel van minderwaardigheid, mijn onderdrukte emoties, mijn angsten m.b.t. mijn gezondheid. Hier zal ik steeds graven in het verleden om zo te achterhalen waar de bron ligt om zo deze te benoemen en een plek te geven waardoor ik dan in staat zal zijn om ermee af te rekenen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om gedurende een lange periode in mijn leven mijn gevoelens en emoties te onderdrukken. Dit heeft betrekking tot gevoelens van verdriet om dingen die tegenzitten in het leven (ook al zijn het altijd gevolgen van wat ik eerder in mijn leven heb gedaan), maar ook gevoelens van vreugde omdat ik die mijzelf niet volledig gunde.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het niet hebben van herinneringen op een groot aantal punten niet als aanleiding zag om juist dat punt verder te gaan onderzoeken maar daarin te berusten en daardoor niet mijn zelf-verantwoordlelijkheid te nemen over dat gedeelte van mijn leven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bewust herinneringen zo goed weg te drukken dat ik zelf ging geloven dat die momenten nooit in mijn leven hebben plaatsgevonden in plaats van mijzelf te pushen om uit te zoeken wat ik mij nog van een bepaalde gebeurtenis kon herinneren om zo mijn verantwoordelijkheden te kunnen nemen over hetgeen was gebeurt en de gevolgen van deze gebeurtenissen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het punt van het onderdrukken van emoties niet te willen aanpakken omdat ik bang ben een beerput te openen en mijzelf te moeten ‘facen’ en daar in zelf-oprechtheid iets aan te moeten doen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf als minder dan andere te beschouwen terwijl ik weet dat dit in geen enkele situatie het geval kan zijn, zelfs als de ander zich als meerdere gedraagt en dat mogelijk nog versterkt door mijn onderdanige/minderwaardige opstelling.

18 van 2555 – Abonnement Franse leenwoorden loopt af

Vandaag hoorde ik van mijn partner iets wat mijn verontwaardiging triggerde. Nederland blijkt al zo’n twee eeuwen woorden uit de Franse taal te lenen en betaald hierover al die tijd een abonnement aan Frankrijk. Dit althand volgens een artikel in De Speld van 15 november.

Mijn eerste reactie: “Wat een waanzin!”. Ik was serieus verontwaardigd en ik kan mij nog steeds niet indenken dat dit verhaal geen broodje aap is. Ik redeneerde verder door mij af te vragen hoe je nou woorden die op historische basis deel maken van een taal een abonnement kunt vragen. Welke idioot heeft twee eeuwen geleden, nadat Nederland na de Franse overheersing onafhankelijk is geworden, deze afspraak gemaakt met die Franse bloedzuigers. Oeps, ik kan mij hier echt over opwinden.

Toch is het zo dat in de geschiedenis wel meer vreemde afspraken zijn gemaakt en het is niet onmogelijk dat ook dit verhaal waar blijkt te zijn. Een snelle zoektocht op internet levert vooralsnog alleen links op naar dit ene artikel. Hiermee is niet gezegd dat er maar één bron is, het kan zijn dat het onderwerp niet eerder recent aan de orde is geweest in de digitale media. Wellicht is hier meer over te vinden in bibliotheken of bij het desbetreffende ministerie.

Toch heeft het ook een vermakelijke kant als je alternatieven gaat bedenken voor al die Franse woorden… Dan krijg je zinnen zoals: “En zo at Tante Tine voor het eerst een Eiplant“, of “Op het prikbord zijn veel berichten met duimspijkers vastgemaakt”. Maar ja hoe noem je een paraplu? Regenscherm? En een envelop, portemonnaie, failliet, plafond, courgette, medaille?

Ik vergeef mijzelf dat ik het geaccepteerd en toegestaan om emotioneel te reageren op dit bericht nog voor ik heb uitgezocht of het een op echte feiten gestoeld bericht betrof.

Ik vergeef mijzelf dat ik het geaccepteerd en toegestaan om verontwaardigd te zijn over dit bericht zonder te weten wat de aanleiding is van deze verontwaardiging.

Ik vergeef mijzelf dat ik het geaccepteerd en toegestaan om vanuit mijn Speciaal-zijn-personnage op het gebied van talen en talenkennis te reageren op dit bericht over leenwoorden.

Ik vergeef mijzelf dat ik het geaccepteerd en toegestaan om allerlei scenario’s te bedenken waarom dit verhaal over Franse leenwoorden een onzin verhaal zou kunnen zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik het geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik met mijn kennis zou kunnen oordelen of dit een waar verhaal zou zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik het geaccepteerd en toegestaan om te oordelen over de politici die met deze situatie te maken hebben (gehad).

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om bij het horen van berichten die mij enigszins verrassen niet mijn stabiliteit verlies maar dat ik mijzelf stop, adem haal en in het moment de situatie beschouw en op basis van mijn waarnemingen in het moment mijn gedachten en handelingen voortzet.

13 van 2555 – Mijn partner kan niet rijden

caution_woman_driver_bumper_sticker-p128400647658599073en8ys_400Elke keer als we lange ritten met de auto gaan maken wisselen mijn partner en ik elkaar om zo vermoeidheid tegen te gaan. Zo ook afgelopen week toen we naar Italië heen en weer zijn gereden.

Elke keer als ik naast mijn partner zit ga ik mij vroeg of laat ergeren aan de manier waarop zij in het verkeer deelneemt en de manier waarop zij verkeerssituaties inziet en inschat. Ik vraag mij af (lees: erger mij) aan:

– het feit dat haar snelheid niet constant is, is het omdat ze haar concentratie verliest? Is het omdat ze niet oplet? Is het omdat ze niet doorheeft dat we nog héééél véééél kilometers moeten rijden en dat het echt wel uitmaakt of je 10 km’h harder of zachter rijdt?

– het feit dat ze lijkt te aarzelen als ze achter een langzamer rijdende auto blijft plakken in plaats van op tijd inschatten of je al kan inhalen zonder snelheid te verliezen. En dan nog het feit dat ze als ze erg dicht achter een auto blijft hangen, alsof ze de auto wil opduwen, opjagen in plaats van inhalen.

– het feit dat ze in sommige situaties bijna stil gaat staan waarbij ik wordt verrast door die actie omdat ik niet inzie wat het gevaar of de moeilijkheid is.

– het feit dat ze zo onhandig uit een parkeerplaats draait dat ze bijna in de mensen van de naast geparkeerde auto moet rijden en 1 x extra moet steken om verder te kunnen in plaats van ‘normaal’ met een ruime boog om de naast geparkeerde auto weg te rijden.

– het feit dat ze blijft hangen in een versnelling en voor mijn gevoel regelmatig vergeet dat er vijf versnellingen zijn. Ik hoor dan de motor loeien, mag niets zeggen omdat ik vervelend ben, bijt mijn tong bijna af om niets te zeggen en zie in mijn verbeelding liters extra brandstof onnodig verstookt worden alleen maar omdat mijn partner niet schakelt. Waarom schakelt ze niet? Hoort ze de motor niet loeien? Waarom moet ze eerst een dot gas geven voordat ze überhaupt naar de volgende versnelling gaat? Waarom kan ze alleen naar de vijfde versnelling gaan boven de 80 km/h? Is dat niet af te leren? 

– het feit dat ze zegt dat met haar korte benen en de manier waarop ze achter het stuur moet zitten niet makkelijk is om gas en koppeling te doseren terwijl ik dan denk hoe het dan mogelijk is dat ze een bepaalde snelheid kan aanhouden. Of is dat ook de reden waarom ze misschien niet in staat is om een constante snelheid aan te houden?

Als ik mijzelf zo al die ergernissen zie hebben dan kan ik een hoop relativeren. De impact op de reisduur is maar heel beperkt, zo ook voor het extra brandstof gebruik… “Maar toch is het niet nodig!”, komt dan hardnekkig terug.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn eigen rijstijl op te leggen als meest verantwoord en efficiënt zonder in overweging te nemen dat de rijstijl van een ander eveneens verantwoord en efficiënt kan zijn maar dan op andere punten.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om aannames te doen over de redenen waarom mijn partner op een bepaalde manier handelt in het verkeer of met het bedienen van de auto in plaats van naar mijzelf te kijken wat mijn startpunt is voor het maken van die aannames.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te ergeren aan het niet constant rijden van mijn partner terwijl de oorsprong van die ergernis een voortvloeisel is van mijn eigen gejaagdheid en drang naar zo snel mogelijk te rijden (binnen de toegestane grenzen natuurlijk).

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn partner te beoordelen op haar manier van rijden gebaseerd op wat ik zelf acceptabele normen vind in plaats van mijn partner te vragen of zij met haar manier van rijden rekening wil houden met het niet onnodig gebruiken van brandstof.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te blijven hangen in een gevoel van ‘zie je wel, ze doet het weer!’ als mijn partner niet doorschakelt op de manier die ik zelf zou doen en mij te verliezen in het beeld dat op die manier er een enorme hoeveelheid brandstof onnodig wordt gebruikt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan dat ik mijn partner niet heb uitgelegd dat ik het belangrijk vind om niet onnodig  brandstof te gebruiken en dat ik in mijn rijstijl daar veel aandacht aan besteed.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan dat ik mijn partner niet gevraagd heb wat haar standpunt is t.a.v. brandstofgebruik en of ze mijn standpunt kan delen en daar iets in de praktijk mee kan doen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan dat ik mij druk maak om feiten die in het moment en in het geheel lang niet die impact hebben die ik het wil toeschrijven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een ander mijn obsessie voor zuinigheid op te leggen in plaats van te kijken of mijn startpunt wel zuiver was.